Categorie archief: Congresverslagen

Een visuele catalogus

visualNu in veel wetenschappelijke bibliotheken steeds meer boeken in magazijnen verdwijnen en er ook steeds meer e-books komen, is het lastig om te neuzen in collecties. Bij de University of Oslo Library (2017 beste bibliotheek van Noorwegen) heeft de bibliotheek een project gestart om dit euvel te verhelpen: het Visual Navigation Project.  In dit project wordt geëxperimenteerd met datamining in de catalogus, met name op onderwerpsniveau. Via linking technieken kan men op een aanraakscherm schuiven met boekcovers, selecties maken, verkleinen of vergroten, associaties leren kennen etc. Het geheel deed me een beetje denken aan de Aquabrowser, maar dan veel aantrekkelijker gepresenteerd.  Deze korte film laat duidelijk zien wat de bedoeling van het project is. Ik vind het imponerend en inspirerend. Wat je wél nodig hebt is een uniform systeem voor onderwerpsontsluiting. Ik ken bibliotheken waar dat geen vanzelfsprekendheid is, en waar veel verschillende classificatiesystemen worden gebruikt. Daar wordt deze benadering wat lastiger.
Met dank aan Hugo Huurdeman voor de frisse presentatie op het KNVI congres.

Via Twitter is het project te volgen. https://twitter.com/BookNavigation

 

 

Advertenties

Innoveren met Leeswaren

leeswarenAls geboren Eindhovense gaat mijn hart altijd een beetje open als ik weer iets over die stad hoor. Als het over de Openbare Bibliotheek in Eindhoven gaat, was het lange tijd treurnis wat de klok sloeg. Bezuinigingen, filialen dicht, bestuurlijk gedoe. Maar nu gebeuren er opmerkelijke dingen. Een van de presentaties van de Young Talent track op het KNVI-congres werd gegeven door Robin Verleisdonk, van het innovatieteam van de OB Eindhoven. Hij introduceerde de werkwijze van dat team met aansprekende metaforen: maak onderscheid in de problemen: zijn het muggensteken of haaienbeten? En als je dan een oplossing zoekt, doe dan aan “branchemarking”.  Kijk naar andere sectoren, vaak hebben die vergelijkbare problemen. Via deze werkwijze heeft het team  een prachtige oplossing bedacht voor het sluiten van filialen: de Verse Leeswarenbox. Goed gekeken naar de bekende boodschappenboxen maar met een originele bibliotheekvulling: nieuwe boeken. De reclame campagne lijkt ook nog eens veel op de stijl van een bekende box.

De Leeswaren zijn nog in het pilotstadium, maar worden al aangeboden aan bibliotheekgebruikers.
Opeens vind ik het jammer dat ik niet meer in Eindhoven woon!

Link naar presentatie van Robin

 

Third places vormgeven

third placeVerslag OCLC contactdag 12 oktober 2017,  Rotterdam

Het thema van de dag was “De bibliotheek als Third Place”. Dat moet ik even uitleggen: thuis is de first place, werk is de second place en de ruimte waar werk en privé elkaar raken noemen we de third place. Denk aan de mensen die zitten te werken in café’s, in (openbare) bibliotheken en op stations (in de huiskamer). Joren van Dijk, omgevingspsycholoog, hield op basis van een gedegen theoretische onderbouwing een interessant verhaal. Dingen die ik eruit oppikte: zorg voor natuur in een omgeving waar gestudeerd moet worden: planten, groen, zelfs nepplanten werken goed voor het herstel als je lang geconcentreerd bent geweest. Frisse lucht en natuurlijk licht helpen ook enorm. Biedt studenten de mogelijkheid om controle te hebben over een aantal aspecten van hun studeeromgeving, bijvoorbeeld door het zelf kunnen regelen van licht of de hoogte van beeldschermen. Richt de bibliotheek in op basis van duidelijk herkenbare zonering: zorg ervoor dat een stilteruimte er helemaal anders uitziet dan een ruimte waar samengewerkt kan worden. Misschien zijn dit allemaal open deuren, maar toch zie je in de praktijk dat lang niet alles vanzelfsprekend is als er nieuwe studieplekken worden ingericht.
Er is een mooie toolkit beschikbaar: de learning space toolkit 

Performance measurment Oxford (3)

user_experience_sarah_weiseEen belangrijk onderdeel van het congres in Oxford waren workshops en presentaties over UX (user experience). Dit is toch wel een trend te noemen in deze tak van sport: het onderzoeken van de ervaringen van de gebruiker door middel van technieken die deels uit het ICT domein komen (user interfaces testen) en deels uit de antropologie. Beide domeinen kwamen aan bod. De ook in Nederland bekende UX-goeroe Andy Priestner was niet aanwezig, maar twee andere bekende onderzoekers wel: Andrew Asher en Donna Lanclos.
Aan wat voor technieken moeten je denken? Bijvoorbeeld aan dagboeken, die volgens een bepaalde structuur en vraagstelling gevuld worden, of aan liefdesbrieven aan de bibliotheek, of juist “breaking-up-letters”. Ook het meelopen met een student (shadowing), observaties en eyetracking worden toegepast. Wat levert dat zoal op?

Frankie Wilson, Bodleian Libraries, onderzocht een groep PhD’s. Of eigenlijk maakte zij ze co-researcher in haar onderzoek, door ze ook te betrekken bij haar onderzoeksmethodiek die vooral gebaseerd was op dagboeken. Wat bleek: de PhD’s, die vanuit de hele wereld naar Oxford komen, voelen zich vooral eenzaam en verlaten. Ze hebben behoefte aan een verwelkomende community. Vanuit de bibliotheek hebben ze vooral behoefte aan tijdbesparende tips, zoals het gebruiken van citatiesoftware.

De MacOdrum Library deed een onderzoek naar de usability van LibGuides. Hierbij bleek dat deze vaak veel te veel informatie bevatten. De studenten willen vooral (max 5) belangrijke databases, informatie over citeren en een contactadres voor een vakspecialist. Qua lay-out werd gekozen voor tabs in “accordeons” in plaats van  tabs bovenaan of in het linkerframe.

In Harvard hebben ze een heel lab om bibliotheek user interaces te bestuderen. Mooie quote “A user interface is like a joke. If you have to explain it, it’s not that good”.

Heel bijzonder was een workshop over etnografie, verzorgd door Ashner en Lanclos. We werden in kleine groepjes naar buiten gestuurd, waar we gestructureerd observaties moesten doen. Denk aan de activiteiten die je ziet, de middelen die mensen daarbij gebruiken, wat de looppatronen zijn en hoe mensen interacteren met elkaar en de omgeving. Wij gingen naar een grasveldje bij een museum, waar we in 15 minuten een heel avontuur observeerden. Eerst zagen we mensen vooral foto’s maken met hun mobieltje, lekker op bankjes zitten met eten, en wat lezen. Opeens klonk er gekrijs. Er stond een hoge boom, met daaromheen een hoog hek. Een klein meisje was tussen de spijen van het hek door gekropen en kun niet meer terug. Haar moeder sjorde nog, maar het koppie van het kindje bleef klem zitten. Paniek! En wat moet je dan doen als observant? We zijn bibliotheekmensen, hulpvaardigheid zit ons in het bloed. Dus gingen we toch maar naar binnen om een sleutel van een slot te halen, dat op het hek zat. Jammer genoeg werkte het slot niet, maar het meisje ontsnapte toch nog op een Houdini-achtige wijze uit haar kooi. Einde verhaal.
knel

Het klinkt allemaal heel banaal, maar als je hoorde met hoeveel informatie alle groepjes terugkwamen na 15 minuten observeren, dan is dit een heel goede manier om in korte tijd veel informatie boven water te halen.

Voor wie alles wil weten over de antropologische methode verwijs ik naar de ERIAL toolkit, die al wat ouder is, maar nog steeds relevant en een presentatie uit Cambridge, waar UX aan de orde van de dag lijkt te zijn.  Of lees het tijdschrift Weave. 

Performance measurement Oxford (2)

LibQUALlogo_PNGThe Libqual Sessions. 

Het congres is altijd een reünie voor de LibQual-community, waar wij in Leiden intussen ook deel van uitmaken. We deden mee aan workshop voor LibQualers. De vraag die gesteld werd was wat onze ervaringen waren met de verschillende fasen uit het LibQual proces. Op de een of andere manier kwam er alleen maar gemopper op de (onvermijdelijke) post-its terecht. Herkenbare opmerkingen:

  • De websurvey ziet er lelijk en onaantrekkelijk uit
  • Sommige vragen zijn onbegrijpelijk
  • Het gaat vooral over traditionele bibliotheekdiensten
  • Er zit een stevige USA-bias in de configuratie van de enquete
  • De methodiek is lastig uit te leggen

Dit allemaal genoemd hebbend, kwamen er enkele deelnemers met alternatieven, zoals MISO (Amerikaans colleges) en Insync (Australisch) http://educationandlibraries.insyncsurveys.com.au/our-clients/universities/
Nadeel van het overstappen naar een ander survey instrument is dat je de trends uit je enquêtes van de voorgaande jaren kwijt bent. En die zijn juist interessant. Men verwacht dat LibQual op korte termijn aanpassingen zal gaan doen.
Handige tip die we opvingen: gebruik NVIVO analyse software om de open comments te analyseren.

Naast de workshop werden er ook een aantal presentaties over LibQual gehouden. Spectaculair waren de resultaten van LibQual in de University of Limerick. In 2007 begonnen zij met LibQual: hun radar charts waren helemaal rood. Ze hebben een heel traject aan verbeteringen opgezet, variërend van self-service tot de inrichting van een post-graduate reading room. Ook hebben ze een campagne “Every seat counts” opgezet, waarbij studenten de spullen van mensen die te lang weg zijn, mogen opruimen. Gevolg van dit alles: het rood is verdwenen uit de radars!

Jacky Belanger (University of Washington) vertegenwoordigt een van de bibliotheek die heel bewust géén gebruik maken van LibQual, maar al jarenlang een eigen instrument gebruiken. Haar presentatie handelde over de moeilijkheden die je ondervindt als je resultaten van gebruikersonderzoek wilt omzetten naar verbeteracties. Soms kan dat helemaal niet (bv uitbreiden van het aantal werkplekken) en soms gelooft de bibliotheekstaf de resultaten van het onderzoek gewoon niet. De bibliotheekcultuur is bovendien niet altijd even veranderingsgezind. Wat interessant is, is dat men de strategische planning van de bibliotheek heeft afgestemd op de resultaten van het onderzoek.

Performance measurement Oxford (1)

kebleVorige week was ik bij het congres 12e International Conference on Performance Measurement in Libraries, dit keer in Oxford.

Voor mij was het de vierde keer dat ik dit congres bijwoonde. Opnieuw was het een erg goed congres, met veel interessante sprekers en een levendige assessment community. Het congres duurde 3 dagen, volgepropt met lezingen en workshops. Op de 4e dag volgde ik een 7 uur lange workshop over datavisualisatie mbv Tableau.

Naast het interessante congres is het ook erg leuk om in Oxford te zijn. We sliepen in Keble College, waar het congres ook plaatsvond. Een 19e eeuws gebouw, typisch een engels college, met een prachtig grasveld waarom heen de collegegebouwen staan. De eetzaal was een belevenis op zichzelf!
eetzaal
Het voert te ver om iets over alle presentaties te vermelden, daarom hierbij een selectie van de belangrijkste bevindingen.

De vorige keren gingen veel presentaties over de relatie tussen bibliotheekgebruik en studiesucces. Graham Stone van de University of Huddersfield was één van de eersten die hierover in 2013 rapporteerde. Ik schreef daar toen over. Inmiddels zijn er veel meer van dit soort studies gedaan en keer op keer blijkt dat er een correlatie is tussen hoge cijfers en frequent bibliotheekgebruik. Er is nu een stroming in de VS die er vanuit gaat dat dit voldoende bewijs is voor een causaal verband: doordat studenten de bibliotheek veel gebruiken halen ze beter cijfers (in de bibliotheek word je slimmer). Gelukkig zijn er ook nog anderen, die hier tegen in gaan. Zoals Andrew Asher, een van de onderzoekers van het ERIAL project, waarover later meer, twitterde: “Pretty sure the relationship is high achieving students tend to use the library, not library use produces better grades”

Creating Knowledge (slot):wie is informatievaardig?

Nog eenmaal over het Creating Knowledge CKVIII congres in Reykjavik. Keynote speaker Lisa Hinchliffe (University of Illinois) stelde aan een zaal voor “kenners” de vraag: wie is hier informatievaardig? Slechts een enkeling durfde een hand op te steken! Volgens Lisa het gevolg van het lastig te vatten concept Informatievaardigheid. Vervolgens had Lisa een leuke invuloefening met de zaal: maak je eigen definitie van informatievaardigheid.

lisa

Hier kwamen zeer uiteenlopende antwoorden op, zoals “in order to get a better quality of life” of “in order to create new knowledge”. Lisa benadrukte dat informatievaardigheid sterk afhankelijk is van de context: veel mensen hebben fantastisch georganiseerde iTunes-bibliotheken, compleet met keywords, tags en mapjes, maar ze leggen de link niet met de manier waarop informatie in bijvoorbeeld databases is georganiseerd. Kennelijk ben je in de ene context wél informatievaardig en in de ander niet of minder. Lisa introduceerde het begrip Information aliterate (being able to be information literate, but not interested in doing so). Een interessante gedachte! Lisa had er nog één in petto voor ons: information literacy as a way of life. Ben altijd kritisch, stel altijd vragen en beslis op basis van goede informatie. Informatievaardigheid is geen vaardigheid, maar een houding. Een mooie afsluiter van dit congres!

De slides van deze presentatie zijn te vinden op de congressite.

 

Creating knowledge (3): Frameworks

banner_updateVoor mij was tijdens het CKVIII congres de spannende taak weggelegd om de openings key note te verzorgen. Mijn verhaal was nogal theoretisch: een vergelijking tussen het ACRL Framework for Information Literacy en de Information literacy lens on the Researcher Development Framework. Voor mij was het een verrassing dat vrijwel niemand in de zaal (ruim 200 Scandinavische specialisten op het gebied van informatievaardigheid) het Researcher Development Framework kende. Omdat ik me nogal kritisch uitliet over het ACRL Framework, en met name de praktische toepasbaarheid daarvan,  was ik benieuwd wat de Amerikaanse aanwezigen (collega key note speakers) ervan zouden vinden. Tot mijn verrassing gaven zij mij (min of meer) gelijk. En er werd meteen richting VS getwitterd dat ze daar toch ook eens naar het RDF zouden moeten kijken. Ook bij de samenvatting van het congres werd het RDF nog een keer genoemd als “take away” van het congres.
Op het KNVI congres in november zal ik dit verhaal nogmaals doen, maar er moet intussen al wel wat aangepast worden! Want sinds afgelopen weekend is bekend geworden dat het ACRL bestuur definitief de stekker uit de oude standards (in Nederland de “Normen”) trekt. Dat levert een hoop commotie op, op twitter te volgen via #acrlframework.

De slides van mijn presentatie zijn te vinden op de congressite.

 

Creating Knowledge (2): Flippen

flippedEnkele presentaties op het CKVIII congres (juni 2016, Reykjavik) behandelden de didactiek van het informatievaardigheidsonderwijs. Het ging daarbij vooral over “flippen”.

Torstein Lág (The Arctic University, Noorwegen) is een enthousiast pleitbezorger voor de “flipped classroom”. Hierbij wordt het huiswerk voorafgaand aan een klassikale bijeenkomst gemaakt, waardoor men in de bijeenkomst veel dieper op de stof kan ingaan. Typisch in een flipped classroom zijn de korte filmpjes, de kennisclips, die studenten moeten bekijken voorafgaand aan de klassikale bijeenkomt. Ook bij deze benadering zijn studenten meer gemotiveerd en activeren dan in het traditionele onderwijs. Het is een werkwijze die in Nederland ook veel gebruikt wordt, oa bij de HvA (ppt van Harrie van der Meer).
De slides van deze presentatie staan op de congressite.

 

Marijn Post (Wageningen University) vertelde over Team Based Learning, een methode die gebaseerd is op “flipped”onderwijs en samenwerkend leren. Studenten bereiden zich eerst voor en gaan dan individueel én in groepjes aan de slag. In Wageningen zijn ze er enthousiast over: de studenten vonden het leuk, waren gemotiveerd en haalden betere resultaten. De slides van deze presentatie staan op de congressite.

 

 

 

Creating Knowledge (1): Project Information Literacy

PIL_Logo5_whitebackgroundBegin juni 2016 vond in Reykjavik het 8e Creating Knowledge (CKVIII) congres plaats. Een congres dat vooral bedoeld is voor Scandinavische bibiotheekmensen, die zich bezighouden met informatievaardigheid in het hoger onderwijs. Er waren ruim 200 deelnemers aanwezig op dit 2 dagen durende congres. Zelf verzorgde ik de openings keynote op dit congres over het ACRL Framework en het Vitea Researcher Development Framework. Daarover later meer.
Alison Head, van het Project Information Literacy (PIL) verzorgde een erg interessante keynote. PIL is een langlopend onderzoek naar de informatievaardigheid van studenten tijdens en ná hun studie. Het project startte in 2008 en heeft inmiddels zo’n 15000 studenten bevraagd naar verschillende aspecten van informatievaardigheid. Alison benoemde vijf opvallende “take aways”, conclusies die je uit al die onderzoeken kunt trekken.

  1. Volgens studenten is onderzoek nu moeilijker dan ooit tevoren. Woorden als angst, stress en overspoeld zijn met informatie worden in dit kader veel door hen genoemd. De enorme informatieberg waar ze zich doorheen denken te moeten worstelen is afschrikwekkend.
  2. Beginnen is het moeilijkste onderdeel van een opdracht.  Het definiëren van het onderwerp en het inperken van het onderwerp wordt door meer studenten lastig gevonden dan het daadwerkelijke zoeken.
  3. In ditzelfde kader: het definiëren van de context van het onderwerp is ook lastig. Hoe ver moet je gaan? Wat is de juiste terminologie en waar is sprake van jargon?
  4. Zoeken; zoekstrategie: studenten kiezen vaak voor het zoeken naar “het antwoord” en vermijden risico’s in hun zoekstrategie. Ze leunen sterk op de door docenten aangeboden informatiebronnen.
  5. Studenten leren tijdens hun studie informatiebronnen beoordelen.Een onderdeel van ons onderwijs dat dus succesvol is!

De hele presentatie (ppt) is te vinden op Slideshare.